|
In mijn werk gebruik ik ons goed bekende dieren om emotionele
eigenschappen van de mens tot uiting te brengen. Het thema ‘contact zoeken’ staat
hierin centraal. Ik kruip letterlijk in de huid van het dier. Bij
deze symbiose vervaagt de grens tussen een natuurlijke en een kunstmatige
realiteit.
De combinatie tussen het menselijke en dierlijke resulteert in beelden
en situaties die zowel vertrouwd als vervreemdend overkomen. Zoals bij
de vrolijk ogende ‘Exoot’, een geïmporteerde papegaai
die op zoek is naar contact. Ik hanteer een beperkt aantal elementaire
basisprincipes, zoals het imiteren van vogelgeluiden uit de ‘natuurlijke’ omgeving,
een snavel en een groen verenpak. De staart, het hoofd en de klauwen
ontbreken. Door verveeld gedrag te tonen, opgesloten in een gouden kooi,
ligt de nadruk een beklemmende emotie. Het wanhopig imiteren van die
vogelgeluiden drukt de eenzaamheid uit en leidt niet tot contact.
Ik wil mijn overtuiging/boodschap zelf uitbeelden en steeds zoek ik nieuwe
fysieke uitdagingen ook die mijn uithoudingsvermogen begrenzen in tijd.
Het zijn persoonlijke gevoelens die ik geconcentreerd bundel. In Still
Life Live hang ik een half uur aan een been om een aangeschoten hert
te kunnen verbeelden. Tijdens Zwanenhals brei ik gedurende twee en een
half uur rond in een zwanennek. En als Kip aan ‘t IJ balanceer
ik twintig minuten gehurkt op stok.
Op locatie speelt de omgeving ook een rol en roept associaties op. Het
overbrengen van mijn bedoelingen verloopt niet via grote gestes op een
podium, ook niet via apparatuur of een startsein. Het verloopt juist in
het kleine en op zichzelf staande. In bestaande omgeving, zonder tekst
of interactie.
Mijn “droomarbeid” is zorgvuldig en nauwgezet, wel met humor
en geduld, soms met geweld. Tijdens het bijna rituele maakproces, voor
de performance, krijgt mijn esthetisch concept zijn vorm.
Ik maak wat ik zou willen zien.
Linda Molenaar
|